abonneren
proefnummer
contact
Paul D'Hoore
veelgestelde vragen
grafieken
Kvraagetaan ...
startpagina
TOEGANG NIEUWSBRIEF
uw abonneenummer:
uw paswoord:

Tussenspurt is een rubriek in B€UR$$UCC€$, over aanbevolen aandelen waarop winst is genomen.

Hier volgt een overzicht:


B€UR$$UCC€$ - nr. 450 – 21 februari 2017

EVS Broadcast Equipment
rendement: 40 % in anderhalf jaar

  Als lezer van ‘Beurssucces’ ben je inmiddels goed vertrouwd met EVS. Het bedrijf uit Luik levert technologie voor tv-stations en productiebedrijven. EVS brak destijds door met zijn Live Slow Motion-systeem, dat vooral nuttig is bij sportuitzendingen.

  Hoewel EVS grote inspanningen leverde om technologie te slijten voor tv-studio’s, blijft de verkoop en verhuur van apparatuur voor grote sportevenementen dé succesfactor. Even jaren – met Olympische Zomer- of Winterspelen én Wereld- of Continentale Voetbalkampioenschappen – leveren altijd fraaie winstcijfers op. In de oneven jaren, zakt de winst ineen.

  We hebben net een even jaar achter de rug en de jaarresultaten zien er dan ook prima uit. De omzet steeg met 10,4 % en de winst ging 38 % hoger.

  Als belegger moet je natuurlijk een beetje vooruit kijken. We zitten nu in een oneven jaar. En het volgende even jaar – 2018 – is op sportief vlak toch een tikkeltje minder interessant dan het vorige. Het gaat in 2018 maar om Olympische Winterspelen, in het Zuid-Koreaanse district Pyeongchang, van 9 tot 25 februari. Vanaf de tweede helft van 2017 zullen de bestellingen voor de Winterspelen beginnen binnenlopen. Maar de betalingen zijn pas voor 2018.

  Wat 2017 brengt, kan je al afleiden uit de cijfers van het vierde kwartaal van het voorbije boekjaar. De omzet daalde met 37 % en de winst tuimelde bijna 64 % lager. Blijkbaar zijn de meeste beleggers bijziend. Ze concentreerden zich op de prima jaarresultaten en sloegen geen acht op de zwakke kwartaalcijfers. Daardoor steeg het aandeel EVS tot 35 euro.

  Ik volg met EVS al langer een tegendraadse strategie. Toen iedereen vol lof was over EVS, heb ik je aangeraden het aandeel te vérkopen. In november 2014 heb ik je weer ‘toelating’ gegeven om het aandeel op te pikken ónder 25 euro. Het aandeel bereikte later zelfs nog een bodemkoers van 21,055 euro. (…)

  Als je vanaf november 2014 het aandeel hebt opgepikt ónder 25 euro, heb je nu (minstens) 40 % winst. Ik zou die winst van de tafel nemen, alvorens ze grotendeels of helemaal verdampt.

  Na een Tussenspurt blijf ik een aandeel natuurlijk opvolgen (…)

B€UR$$UCC€$ - nr. 414 – 18 mei 2016

Ubisoft Entertainment (Parijs: UBI; FR0000054470 – koers: 30,020 euro)
rendement: ruim 20 % sinds eerste aanbeveling; ruim 50 % in de afgelopen drie maanden

  De grootste Franse uitgever van videospelletjes Ubisoft heeft zijn boekjaar op 31 maart afgesloten met beter dan verwachte resultaten. De omzet zakte weliswaar met 4,8 %, maar de winst ging 7,5 % hoger.

  Ubisoft heeft vooral uitstekend gepresteerd in het vierde kwartaal van zijn boekjaar. In de periode januari-maart 2016 vloog de omzet liefst 267 % hoger! Zo’n omzetstijging komt niet zomaar uit de lucht vallen. Ze is te danken aan de succesrijke lancering van enkele nieuwe spelletjes.

  Voor de liefhebbers: Tom Clancy’s The Division kende de beste lancering van een videospelletje uit de hele geschiedenis en Far Cry Primal kende de allerbeste lancering ever in de maand februari.

  Om je een idee te geven: er zijn al 9,5 miljoen geregistreerde gamers voor Tom Clancy’s The Division. ‘Actieve’ spelers zijn er élke dag gemiddeld drie uur mee bezig.

  Als een nieuw spelletje goed marcheert, heeft dat altijd gunstig gevolgen voor ‘oude’ spelletjes die ontdekt of herontdekt worden. Zo steeg de omzet van ‘oude’ spelletjes met 45,6 %. ‘Oude’ spelletjes waren goed voor een kwart van de jaaromzet en Ubisoft haalt er almaar méér recurrente inkomsten uit.

  Daarom is Ubisoft optimistisch voor het nieuwe boekjaar. De onderneming verwacht 1,7 miljard euro inkomsten. Dat zou een omzetstijging betekenen van 22 %! Dit jaar gaat Ubisoft vijf nieuwe (top)spelletjes lanceren. Vorig jaar waren dat er vier. En Ubisoft verwacht dat de inkomsten van ‘oude’ spelletjes – de zogenoemde back-catalog –  verder oplopen en goed zullen zijn voor 30 % van de totale omzet.

  Die goede vooruitzichten joegen de beurskoers van Ubisoft op tot boven 30 euro. Dat is ruim drie keer de boekwaarde (9,12 euro per aandeel).

  De koers/winst-verhouding (K/W) bedraagt nu 34,9. De beurskoers is dus alleen verantwoord als Ubisoft erin slaagt zijn winst te verdubbelen.

(…)

  Voorlopig is het aandeel te duur. Het staat bijna weer op het niveau van de vorige beursgekte rond aandelen van videospelletjes, in 2008. Toen bereikte Ubisoft eventjes een topkoers van 35,75 euro. Drie jaar later stond het aandeel 90 % lager en bereikte het een dieptepunt van 3,565 euro.

  Dergelijke extreme koersbewegingen verwacht ik nu niet meteen. Maar 30 euro lijkt me een goed niveau voor een Tussenspurt. Ik zou de winst vastspijkeren op mínstens een déél van mijn aandelen Ubisoft. Ná een Tussenspurt gaan we altijd even wat op adem komen in het peloton. Maar we blijven waakzaam! Ik zou Ubisoft weer oppikken als (…)


B€UR$$UCC€$ - nr. 382 – 29 september 2015

Galapagos (Amsterdam: GLPG; BE0003818359 – koers: 44,750 euro)
rendement: 795 % in vier jaar

  In De Lage Landen was den dzjoef van de week voor Galapagos. Het aandeel van het Belgisch-Nederlandse biotechbedrijf donderde ruim 16 % lager. De daling volgde op de bekendmaking dat de Amerikaanse farmagroep AbbVie géén licentie neemt op filgotinib, het kandidaat-reumamiddel van Galapagos.

  Dit lijkt me een goed moment om met een Tussenspurt onze winst op Galapagos vast te leggen. Ik heb het aandeel voor het eerst aangeraden in ‘Beurssucces’ Nr. 183 (op 17 augustus 2011) “in de buurt van 5 euro”. Het aandeel kon toen vier maanden lang aangekocht worden tussen 5 en 6 euro.

  Tussen september 2012 en juni 2014 heb ik herhaaldelijk een aankoop aanbevolen tussen 13 en 14 euro. Behendige bodemvissers konden het aandeel in die periode zelfs nog aan de haak slaan tegen 10 euro.

  Vorige vrijdag besliste AbbVie géén licentie te nemen op filgotinib. Een half uur vóór dat wereldkundig werd gemaakt, werd Galapagos ingelicht. Het nieuws sloeg in Mechelen in als een bliksemschicht bij heldere hemel.

  Topman Onno van de Stolpe en aandeelhouder Rudi Mariën reageerden verrassend optimistisch. Van de Stolpe is “verheugd” dat AbbVie afziet van filgotinib. Volgens Mariën is het “geen tegenslag, maar een opportuniteit”.

  Van de Stolpe en Mariën hebben in ijltempo een crisiscommunicatiestrategie uitgewerkt: “Het was erger geweest had AbbVie 200 miljoen dollar betaald en het kandidaat-geneesmiddel vervolgens in een lade gestopt en achtergehouden, ten voordele van zijn eigen kandidaat-reumamiddel ABT-494.”

  Laten we wel wezen: als filgotinib betere toekomstperspectieven had dan ABT-494, dan had AbbVie toch geen seconde geaarzeld om dóór te gaan met filgotinib. De verklaringen van Van de Stolpe staan ook haaks op eerdere uitspraken van de flamboyante Nederlander. In augustus zei hij nog: “We weten dat AbbVie excited is over filgotinib. We hebben er alle vertrouwen in dat AbbVie zijn optie zal uitoefenen en ons 200 miljoen dollar zal betalen.” Hoe zou je dan “verheugd” kunnen zijn als daarvan niets in huis komt?!

  AbbVie is duidelijk in zijn communicatie. Hun eigen kandidaat-reumamiddel ABT-494 kan snéller naar Fase 3 worden gebracht, “met minder onzekerheid”. Kortom: AbbVie zet al zijn jetons in op ABT-494.

  In dergelijke situaties duiken altijd complottheorieën en indianenverhalen op. Sommigen vermoeden dat AbbVie destijds met Galapagos gepartnerd heeft om de ontwikkeling van filgotinib te vertragen. Dat is zeker niet uitgesloten. (…) Als die complottheorie steek houdt, zijn ze in Mechelen flink gesjareld door de Amerikanen.

  Galapagos zit nu onvermijdelijk verwikkeld in een snelheidswedstrijd met AbbVie, om als eerste met zijn middel op de markt te komen. Toch zullen ze beiden bijna zeker geklopt worden door (…)

  Voor Galapagos zou het interessant zijn om snel een nieuwe partner te vinden voor filgotinib. Onno van de Stolpe beweert daarover de voorbije weken al gesprekken te hebben gevoerd met farmagiganten. Geheel in zijn eigen stijl zegt Van de Stolpe dat de belangstelling voor filgotinib “enorm” is en dat hij tegen het einde van het jaar een nieuwe overeenkomst op zak zal hebben. Die deal zou zelfs béter zijn dan het gesneuvelde partnership met AbbVie.

  Wie zijn wij om daaraan te twijfelen??? Toch zou ik nu met een Tussenspurt de koerswinst op Galapagos op zak steken. De komende dagen, weken en maanden brengen onzekerheid voor Galapagos en daar houdt de beurs niet van. Bovendien lijkt er versneld een einde te komen aan de gekte rond farma- en biotechbedrijven. (…)

  Uiteraard blijf ik Galapagos opvolgen. Als het moment gekomen is om weer in het wiel te springen, laat ik je dat meteen weten!


B€UR$$UCC€$ - nr. 315 – 29 april 2014

Numericable (Parijs: NUM; FR0011594233 – koers: 34,270 euro)
rendement: ruim 20 % in enkele weken

De Franse kabelmaatschappij Numericable haalde drie weken geleden haar slag thuis en kon de overname bezegelen van de mobiele operator SFR. De overname is van groot strategisch belang. Voortaan kan Numericable de Franse consumenten quadruple play aanbieden: breedbandinternet, tv en vast en mobiel telefoneren. Het was niet verwonderlijk dat Bouygues Telecom en Free er álles aan deden om te verijdelen dat SFR in handen van Numericable zou vallen. Tevergeefs…

  Toch bleef de beurskoers van Numericable de voorbije weken hangen ónder 30 euro. Maakten de beleggers zich zorgen om de financiering van de overname? Numericable moet inderdaad 13,5 miljard euro cash op tafel leggen voor SFR. Da’s gene kattenpis.

  Vorige week heeft Numericable alle twijfels over de financiering weggeblazen. De onderneming wou voor 6 miljard euro rommelobligaties uitgeven. Een rommelobligatie – of: junk bond – is een obligatie die wordt uitgegeven door een bedrijf of een land met een lage kredietwaardigheid.

  De vraag naar rommelobligaties van Numericable was overweldigend. Investeerders waren bereid voor meer dan 50 miljard van die obligaties te kopen. Numericable profiteerde van die koopwoede om 8 miljard euro op te halen (in de plaats van de geplande 6 miljard euro). Numericable heeft dat geld eigenlijk niet nodig. Maar ja… als ze met goedkoop geld naar je hoofd gooien… De rente ligt tussen 5 en 6 %. En pas vanaf 2020 moet Numericable de obligatie beginnen aflossen. Zo beschikt Numericable onverwacht over een flinke oorlogskas om eventueel bijkomende overnames te doen.

  Met de uitgifte van de rommelobligaties is de financiering van SFR nog niet helemaal rond. Numericable gaat ook 3 miljard euro lenen bij een consortium van banken. Dat zal geen enkel probleem zijn. Het zijn precies dié banken die vorige week met enorm succes de rommelobligaties aan de man hebben gebracht. Ze willen maar al te graag ook zelf geld uitlenen aan Numericable tegen 5 à 6 %.

  Daarna volgt nog een derde en laatste luik van de financiering van SFR: een kapitaalverhoging van 4,7 miljard euro. De hoofdaandeelhouder van Numericable, Altice (Amsterdam: ATC – LU1014539529; koers: 41,770 euro), gaat 75 % van dat kapitaal leveren. De resterende 25 % zal opgehaald worden bij de andere aandeelhouders.

  Nu alle twijfel over de financiering van de overname van SFR van de baan is, ging het aandeel Numericable plots toch fors aan het stijgen. Drie weken geleden kon je Numericable nog makkelijk kopen ónder mijn adviesprijs van 28,50 euro. Vandaag staat het aandeel ruim 20 % hoger. Bodemvissers halen zelfs nog een (veel) hoger rendement.

  De kapitaalverhoging van Numericable kan nog een tijdje op zich laten wachten. De Franse overheidsdienst die moet waken over de vrije concurrentie, zal negen tot twaalf maanden nodig hebben om te onderzoeken of SFR wel mag worden overgenomen door Numericable. De goedkope leningen zijn binnen. De kapitaalverhoging kan wachten.

  Altice gaat dus 75 % van de kapitaalverhoging voor zijn rekening nemen. Altice wil namelijk van de kapitaalverhoging gebruik maken om zijn belang in Numericable op te voeren van 40 % (nu) tot 60 %. Het is dus goed mogelijk dat de nieuwe aandelen met een forse korting zullen worden aangeboden. Zo zullen alle andere aandeelhouders maar al te graag goedkope aandelen Numericable bijkopen. Maar vooral: zo kan Altice goedkoop zijn participatie optrekken tot 60 %.

  Dat zijn de redenen waarom ik nu met een Tussenspurt afscheid neem van Numericable. Het aandeel zal niet zo snel en zo fel blijven stijgen. En de kapitaalverhoging kan de koers onder druk zetten. Ik blijf het aandeel Numericable wel opvolgen!

B€UR$$UCC€$ - nr. 313 – 15 april 2014

Arseus (Brussel: RCUS; BE0003874915 – koers: 37,070 euro)
rendement: 276 % sinds aanbeveling in ‘Beurssucces’ Nr. 1 (30 oktober 2007) + 2,26 euro bruto dividend per aandeel

  Hoofdaandeelhouder Waterland heeft vorige week ál zijn aandelen Arseus verkocht tegen 35 euro per stuk. Waterland had die aandelen in november 2009 gekocht tegen 8 euro per stuk. Waterland is wel nog een supplement van 2,75 euro per aandeel verschuldigd aan de toenmalige verkoper, Omega Pharma. De netto aankoopprijs van Waterland bedroeg dus eigenlijk 10,75 euro per aandeel.

  Investeringsmaatschappij Waterland is dus ongeveer 4,5 jaar aandeelhouder geweest van Arseus. Dat is de normale investeringstermijn. Ik heb je altijd op het hart gedrukt om je aandelen bij te houden zolang Waterland bleef zitten. Vandaag rijst dan ook de vraag of ook wij moeten uitstappen. Er zijn argumenten pro én contra.

  Bedrijfsmatig gaan de zaken bij Arseus nog altijd erg goed. Maar het aandeel is nu wel erg prijzig geworden. De boekwaarde bedraagt 5,42 euro per aandeel. Op de beurs moet je nu al bijna 7 keer de boekwaarde neertellen.

  De koers/winst-verhouding (K/W) is opgelopen tot 25,9. In de regel wordt een aandeel té duur zodra de K/W boven 20 uit komt. Bij snelgroeiende bedrijven mag de K/W een tikkeltje hoger liggen.

  Het dividendrendement bedraagt bij de huidige beurskoers 1,45 % netto. Wie tuk is op hoge dividenden, kan elders beter aan zijn trekken komen.

  Er is geen dwingende reden om nu snel je aandelen Arseus te verkopen. Maar voorlopig is het vet wel van de soep. Het kan dus geen kwaad om met een Tussenspurt (een deel van) je winst veilig te stellen.

  Ik kan niet beloven dat het mogelijk zal zijn om je aandelen Arseus later goedkoper terug te kopen. Maar een voortzetting van het beursparcours van de voorbije jaren is gewoonweg onmogelijk.

  In 2011 zou investeringsmaatschappij Cinven bij hoofdaandeelhouder Waterland hebben aangeklopt met een overnamevoorstel tegen 15 euro per aandeel Arseus (dat gerucht is nooit officieel bevestigd). Tweeënhalf jaar later heeft Waterland voor zijn aandelen Arseus ruim het dubbele gekregen. En niet van een investeringsmaatschappij of van een ander bedrijf uit de gezondheidssector. De aandelen zijn geplaatst bij professionele fondsen- en vermogensbeheerders.

  Tegenover één verkoper – Waterland – staan er tientallen kopers: die fondsen- en vermogensbeheerders zijn er allemaal van overtuigd dat ze vorige week een koopje hebben gedaan toen ze de aandelen Arseus overnamen van Waterland tegen 35 euro per stuk. Terecht! Ze kunnen die aandelen nu al verkopen met (een beetje) winst. Als ze overgaan tot een snelle verkoop, dreigt de beurskoers van Arseus voor langere tijd vast te zitten tussen 35 en 39,50 euro (zijn voorlopige topkoers).

  Arseus was een aankooptip uit mijn allereerste beursbrief, op 30 oktober 2007. Het aandeel kostte toen 9,85 euro.


B€UR$$UCC€$ - nr. 264 – 9 april 2013

Ziggo (Amsterdam: ZIGGO; NL0006294290 - koers: 27,380 euro)
rendement: 12 à 16 % (in twee weken?)

  Heb je mijn advies van vorige week opgevolgd en een Tussenspurtje geplaatst tussen 27,50 en 28 euro? Dan heb je je winstpremie op zak. Vorige week woensdag, bij het verschijnen van mijn vorige brief, haalde Ziggo een openingskoers van 28,50 euro en een hoogste koers van 28,82 euro. Ook donderdag kon je nog verkopen boven 28 euro en vrijdag nog boven 27,50 euro.

  Bij 27,50 euro bedraagt je rendement ruim 12 %. Bij 28 euro is dat meer dan 14 %. En bij 28,50 euro haalde je ruim 16 %. Ik ga er namelijk vanuit dat je Ziggo hebt aangekocht tegen 24,50 euro of lager. Dat is de aankoopkoers die ik heb aanbevolen sinds ‘Beurssucces’ Nr. 232 (21 augustus 2012). Zelfs twee weken geleden was het nog mogelijk Ziggo ónder die koers op de kop te tikken.

  Je kent de filosofie achter de Tussenspurt: we passen die toe als een aandeel zo fors is gestegen dat een verdere stijging op korte termijn onwaarschijnlijk is. Maar we blijven geïnteresseerd in het bedrijf. En we zijn dus bereid het aandeel tegen lagere koersen weer op te pikken.

  Er is een behoorlijke kans dat we Ziggo de komende maanden weer kunnen oppikken. En wel hierom: (…)


B€UR$$UCC€$ - nr. 140 – 21 september 2010

Belgacom (Brussel: BELG; BE0003810273 – koers 28,965 euro)
rendement: (minstens) 10 % in minder dan drie maanden

Belgacom is vooral interessant vanwege zijn hoge dividend. Als je het aandeel koopt tegen 27,25 euro of lager, ontvang je een netto dividend van 6 % of meer. Niet te versmaden, in deze tijden van lage rente op spaarboekjes en termijnrekeningen.

Je mag zo’n aandeel altijd in portefeuille houden als rendementsaandeel. Maar ik heb je er al enkele keren op gewezen: je kan je rendement nog aanzienlijk verhogen door in te spelen op de voorspelbare koersbewegingen van het aandeel.

Belgacom heeft de gewoonte om zijn dividend in twee keer te betalen. In december mag je een interimdividend verwachten van 0,50 euro bruto (0,375 euro netto). En in april volgt dan het ‘slotdividend’ van 1,68 euro bruto (1,26 euro netto).

Couponjagers proberen dat hoge dividend mee te pikken door aandelen te kopen (kort) vóór de uitkering van het dividend. In de aanloop naar de uitkering, gaat de beurskoers altijd hoger. Dat kan je goed zien op de grafiek van de voorbije twee jaar. Na de couponuitkering, zakt de beurskoers weer weg.

Als je een actieve belegger bent, zou ik je aanraden om het omgekeerde te doen. Koop het aandeel als de couponjagers in geen velden of wegen te bekennen zijn. En als ze in dichte drommen opdagen, mag je jouw aandeel aan hen verkopen. Op die manier kan je een rendement halen dat nog (aanzienlijk) hoger is dan het dividendrendement.

De volgende dividenduitkering is nog veraf. De datum is nog niet bekengemaakt. Maar het interimdividend van Belgacom wordt ook wel eens een Sinterklaasdividend genoemd, omdat het meestal wordt uitgekeerd in de periode dat de goede Sint met zijn schimmel over onze daken galoppeert.

Het is dus best mogelijk dat het aandeel nog een tijdje stijgt. Maar je kan op de grafiek ook zien dat de ‘eindejaarspiek’ zich vorig jaar al voordeed in de maand oktober. Misschien is het ook nu weer zo?

Er is geen haast geboden, maar ik zou toch ook niet te gulzig zijn. Heb je in mei of juni gekocht, dan heb je een netto rendement van meer dan 15 %. Zo’n rendement zou ik zeker niet laten liggen!

Ben je iets later uit de startblokken geschoten, dan kom je ook al aan (ruim) 10 % netto. In minder dan drie maanden! Ook niet te versmaden.

Later gaan we dan proberen het aandeel Belgacom weer op te pikken tegen lagere koersen.


B€UR$$UCC€$ - nr. 122 – 27 april 2010

Netflix (Nasdaq: NFLX; US64110L1061 – koers: 99,73 dollar)
rendement: 20 % op twee weken

Twee weken geleden heb ik je Netflix voorgesteld. Dat is een Amerikaans bedrijf dat dvd’s verhuurt via de post en via streaming (je krijgt de gewenste film elektronisch toegestuurd en kan ‘m bekijken op je tv- of computerscherm).

Ik heb je nog geen verkoopsignaal gegeven voor Netflix. Maar de koers is vorige week zo spectaculair gestegen dat ik je aanraad om die snelle winst van 20 % te verzilveren. Ik word namelijk zelf ongemakkelijk van beursgrafieken die verticaal de hoogte in gaan. Bij de minste tegenslag volgt dan een verticale daling. In dat geval ben ik wel geïnteresseerd om het aandeel Netflix terug te kopen.

Ook bij Netflix is de spectaculaire stijging van het aandeel te danken aan de publicatie van de kwartaalresultaten. Dat gebeurde vorige week woensdag, na sluiting van de beurs.

Toen gebeurde iets merkwaardigs. In de nabeurshandel – after hours trading – dook het aandeel prompt 10 % lager, tot 80 dollar. Maar even later ging het weer 10 % hoger, tot (ruim) 87 dollar.

Voor alle duidelijkheid: wat is “nabeurshandel”? Wel, de officiële beurshandel verloopt in de Verenigde Staten tussen 15.30 uur (onze tijd) en 22.00 uur (onze tijd). Daarvoor en daarna liggen de computers van de beurs stil en kunnen geen aandelen verhandeld worden. Maar de voorbije jaren zijn – buiten de beurs om – diverse computersystemen gecreëerd waarop ook buiten de officiële uren aandelenhandel mogelijk is. Dat is de zogenoemde “nabeurshandel”. Daar kunnen – meestal professionele – beleggers meteen reageren op de bekendmaking van bedrijfsresultaten.

De resultaten van Netflix waren beter dan verwacht. De winst bedroeg in het eerste kwartaal 0,59 dollar per aandeel, terwijl de gemiddelde verwachting op 0,54 dollar per aandeel lag. De winst lag 44 % hoger dan in dezelfde periode vorig jaar.

Voor het lopende kwartaal verwacht Netflix een verdere forse stijging van de winst tot 0,62 à 0,73 dollar per aandeel. En dat vonden die “snelle reageerders” blijkbaar te weinig…

’s Anderendaags, in de normale beurshandel, steeg het aandeel in één ruk tot boven 100 dollar. De koers/winst-verhouding bedraagt nu 50 (op basis van de winst van 2009). Als de winst verder naar verwachting blijft stijgen, komt de koers/winst-verhouding op 29 (op basis van de verwachte winst voor 2010). Ik schreef het twee weken geleden al: groeiaandelen zoals Netflix noteren nooit goedkoop op de beurs.

De eerste drie maanden van 2010 waren het beste kwartaal uit de jonge geschiedenis van het bedrijf (opgericht in 1998). Er kwamen liefst 1,7 miljoen nieuwe abonnees bij. Het zijn er nu al 14 miljoen.

Kan Netflix zo hard blijven groeien? Wel, dit kwartaal verwacht Netflix weer 1,2 tot 1,5 miljoen nieuwe abonnees. Analisten denken dat uiteindelijk 29 miljoen Amerikaanse gezinnen een abonnement zullen nemen. De groei kan dus nog vele kwartalen blijven duren.

Wat voor Netflix ook bijzonder interessant is: almaar meer klanten laten hun film elektronisch doorsturen. Voor klanten die hun dvd’s met de post willen ontvangen, betaalt Netflix de portkosten. Een film elektronisch versturen, kost niks. Vorig jaar liet 36 % van de klanten – toen 10,3 miljoen – zijn films elektronisch vesturen. Nu is dat al 55 %.

Kortom: de toekomst ziet er voor Netflix nog altijd schitterend uit. Maar een groot deel van die schitterende toekomst zit al verrekend in de huidige beurskoers. Daarom raad ik je aan om die snelle winst van 20 % in twee weken vast te leggen met een Tussenspurt.


B€UR$$UCC€$ - nr. 120 – 13 april 2010

Ahold - rendement: (minstens) 11 %


  Het aandeel van de Nederlandse warenhuisgroep Ahold is vorige week uitgestegen boven 10 euro. Zoals aangekondigd, was dat voor mij het sein voor een Tussenspurt, waarbij ik een deel van mijn aandelen Ahold heb verkocht.

  Ik heb je de voorbije maanden aangeraden Ahold te kopen tussen 8,50 en 9 euro. Dat was nog mogelijk tot en met 26 februari, minder dan twee maanden geleden. De Tussenspurt levert dus een winst op van (minstens) 11 %.

  Als je in de wielen bent blijven zitten – en dus niét aan de Tussenspurt hebt deelgenomen – mag je rustig blijven zitten. De eindstreep ligt nog een heel eind verder. Met andere woorden: Ahold kan nog een heel eind verder stijgen.

  Ahold doorbrak de barrière van 10 euro op dinsdag 6 april. Dat gebeurde niet zomaar. Dinsdag 6 april was de dag dat Ahold van start ging met de inkoop van eigen aandelen. Zoals aangekondigd in ‘Beurssucces’ Nr. 115 (op 9 maart 2010), gaat Ahold voor 500 miljoen euro eigen aandelen inkopen. Tegen een koers van 10 euro, zou Ahold met dat geld dus 50 miljoen eigen aandelen kunnen terugkopen.

  Ahold zit op een berg cash en vindt de inkoop van eigen aandelen de beste manier om zijn aandeelhouders meerwaarde te bezorgen. Op ingekochte eigen aandelen wordt geen dividend betaald. Het dividendbedrag kan dus over minder aandelen verdeeld worden. De inkoop van eigen aandelen leidt dus – bij gelijkblijvende dividenduitkering – tot een hoger dividend per aandeel.

  Met de inkoop van eigen aandelen ondersteunt Ahold automatisch ook de beurskoers. Het kan en zal zelfs leiden tot een stijging van de beurskoers. Mocht Ahold die 500 miljoen euro nu zeer snel gebruiken om eigen aandelen in te kopen, dan zou de beurskoers zelfs zeer snel en zeer fel stijgen. Maar Ahold neemt er zijn tijd voor. Het bedrijf verwacht dat de inkoop van eigen aandelen binnen twaalf maanden wordt afgerond.

  Wat gaat Ahold aanvangen met die ingekochte eigen aandelen? Dat is voorlopig niet duidelijk. Er zijn diverse mogelijkheden.

  Ahold zou die ingekochte aandelen kunnen opheffen (“vernietigen”). Dan worden de toekomstige winst en dividenden definitief verdeeld over minder (overblijvende) aandelen. De waardeverhoging per aandeel blijft dan voor altijd bestaan.

  Ahold kan ook wachten en die ingekochte eigen aandelen voorlopig in portefeuille houden. Ze zouden later gebruikt kunnen worden om een overname te betalen. Ook dat komt alle aandeelhouders ten goede. Want de overname hoeft dan niet betaald te worden met cash (die dus in het bedrijf blijft). En er hoeft dan ook geen kapitaalverhoging doorgevoerd te worden, die leidt tot de uitgifte van nieuwe aandelen. Neen, in dat geval kan de overname betaald worden met bestaande aandelen (die vanaf dan wél weer meedelen in de toekomstige winst).

  Zolang Ahold eigen aandelen inkoopt – mogelijk nog een heel jaar – zou ik geen Ahold-aandelen meer verkopen. Voor mijn resterende aandelen Ahold wil ik zeker 11 euro krijgen. Ik denk dat zelfs 12 euro mogelijk zal zijn. Maar ik ga daarvoor nu nog geen verkooplimiet in de markt zetten. Daarvoor hebben we nog ruimschoots de tijd.


B€UR$$UCC€$ - nr. 118 – 30 maart 2010

Agfa-Gevaert - rendement: (minstens) 77 % in anderhalf jaar


  “Ik ga winst nemen zodra het aandeel Agfa-Gevaert uitstijgt boven 7 euro,” schreef ik hier zes weken geleden. Vorige week is dat gebeurd. Het aandeel van de beeldvormingsgroep bereikte een hoogste koers van 7,26 euro. Voor de berekening van het rendement van (minstens) 77 % ben ik uitgegaan van een (Tussenspurt)koers van 7 euro.

  Zoals aanbevolen en gemeld in ‘Beurssucces’ Nr. 46 – op 7 oktober 2008 – heb ik Agfa-Gevaert toen gekocht tegen 3,95 euro per stuk. Toen het kort daarna steil bergaf ging met het bedrijf en met de beurskoers, heb ik je altijd aangeraden om het aandeel bij te houden.

  Sneller dan verwacht is Agfa-Gevaert er weer bovenop geraakt. Het bedrijf heeft zes weken geleden vervroegd zijn (voorlopige) resultaten bekendgemaakt. Morgen woensdag (31 maart) komen de definitieve resultaten op tafel (om 7.45 uur ’s morgens).

  Veel beleggers kijken er reikhalzend naar uit. Sommigen hebben nog snel aandelen Agfa-Gevaert (bij)gekocht om te profiteren van een eventuele koersstijging bij de bekendmaking van de definitieve cijfers.

  Ik ben er niet zo zeker van of er wel een koersstijging komt. Maar ik kan morgen natuurlijk meteen ongelijk krijgen. We zullen wel zien.

  Waarom vrees ik dat er voorlopig geen (grote) koersstijging meer komt? Als veel mensen vooraf aandelen kopen met de bedoeling snel winst te maken, dan staan er bij de bekendmaking van de cijfers vooral vérkopers klaar. En als er meer vérkopers zijn dan kopers, dan gaat de koers lager.

  Daarom heb ik – zoals aangekondigd – een Tussenspurt geplaatst bij het vooraf bepaalde tussenpunt (7 euro of hoger). Na een Tussenspurt is de wedstrijd niet voorbij. Dat wil zeggen: dit is (wellicht) geen definitief afscheid van Agfa-Gevaert. Na een rustpauze – én een terugval van de koers – springen we misschien weer in het wiel.

  Uit de voorlopige resultaten konden we al afleiden dat de boekwaarde van Agfa-Gevaert zowat 5,60 euro per aandeel bedraagt. De beurskoers staat daar nu ruim boven. Voor een winstgevend bedrijf is dat normaal. Alleen verlieslatende bedrijven verdienen het om ónder hun boekwaarde te noteren.

  De koers/winst-verhouding bedraagt wel 125. Dat komt doordat de eerste jaarhelft nog verlieslatend was. Op basis van de resultaten van het vierde kwartaal, komt de koers/winst-verhouding uit op 9,4. Dat is ‘goedkoop’. Maar dat cijfer is bedrieglijk. Want het vierde kwartaal is voor Agfa-Gevaert traditioneel het beste van het jaar.

  Blijkbaar vindt Agfa-Gevaert zelf ook dat de beurskoers al mooi vooruit is gelopen op het herstel van de resultaten. Want het bedrijf overweegt zijn kapitaal te verhogen met 140 miljoen euro. Dat zou kunnen gebeuren met een converteerbare obligatie. Maar daarover zijn nog geen details bekend.
Wat is het voordeel van een converteerbare obligatie? In eerste instantie léént het bedrijf dan kapitaal. Omdat er aan die lening een “snoepje” vast hangt, zijn de kopers van de obligatie bereid om genoegen te nemen met een lagere rente. Dat is uiteraard goed voor het bedrijf.

  Wat is het “snoepje”? Dat is: de mogelijkheid om later niet terugbetaald te worden in cash maar in aandelen Agfa-Gevaert. Is dat interessant? Dat kan. Maar dat weet je vooraf niet zeker.

  Wat je wel vooraf weet: de conversieprijs. Als er zo’n converteerbare obligatielening komt, zal Agfa-Gevaert vooraf bepalen tegen welke prijs je – over een aantal jaren – nieuwe aandelen kan krijgen als terugbetaling voor de lening. Dat zou bijvoorbeeld kunnen zijn: 10 euro. Let wel: dit is alleen maar een theoretisch voorbeeld.

  Is dat dan een lékker “snoepje”? Dat zal je pas later proeven. In het huidige enthousiasme rond het herstel van Agfa-Gevaert lijkt een koers van 10 euro over enkele jaren zeer makkelijk haalbaar. Als de koers dan bijvoorbeeld op 12 euro staat, heb je met die converteerbare obligatie een goeie zaak gedaan. Want je koopt dán aandelen tegen 10 euro waarvoor je op de beurs 12 euro zou moeten betalen.

  Het kan natuurlijk ook anders. De koers raakt niét boven 10 euro. Dan kan je je snoepje later weggooien. Je laat je op de vervaldag van de lening dan terugbetalen in cash. En je hebt al die tijd genoegen genomen met een lagere rente.

  Beleggers gaan vandaag ook gemakkelijk voorbij aan de hoge schuldenlast van Agfa-Gevaert. Die bedraagt officieel 445 miljoen euro (3,56 euro per aandeel). Maar Agfa-Gevaert heeft ook nog voor 850 miljoen euro pensioenverplichtingen. Tellen we die bij de officiële schulden, dan heeft Agfa-Gevaert een schuld van 10,37 euro per aandeel!
Als het Agfa-Gevaert voor de wind blijft gaan, valt daarmee te leven. Maar als het bedrijf straks toch weer bergop tegen de wind in moet fietsen…?


B€UR$$UCC€$ - nr. 108 – 19 januari 2010

Lyxor Gold Bullion Securities - rendement: 20 % op vijf maanden

  Ik sluit mijn beursbrief elke week af met een citaat. Twee weken geleden was dat de volgende quote van Warren Buffett: “Goud wordt uit de grond gehaald in Afrika of elders. Vervolgens wordt het gesmolten, wordt een ander gat in de grond gemaakt waar het goud weer in verdwijnt en waar bewakers rond staan. Goud heeft geen enkel nut. Elke marsbewoner moet zich zonder twijfel in het haar krabben bij de huidige goudhysterie. In tegenstelling tot zilver en platinum heeft goud ook geen industriële waarde. De waardering ervan is gebaseerd op de angst en onzekerheid bij beleggers.”

  Die quote heeft enige deining veroorzaakt op het internet. En omdat het nu eenmaal moeilijk is om de meest succesrijke belegger aller tijden, Warren Buffett, tegen te spreken, keerden de goudfanatici zich tegen mij.

  Daar is nochtans geen enkele reden toe. Het is waar dat ook ik vind dat goud geen echte belegging is (geen dividend, geen rente, geen mogelijkheid om de waarde ervan te becijferen,...). Maar als er iets mee te verdienen valt, zal ook ik de kans niet laten liggen. Daarom heb ik in Nr. 88, op 25 augustus 2009, de goudtracker Lyxor Gold Bullion Securities (GBS) aanbevolen en – zoals hier neergeschreven – ook zelf gekocht. En dat is ons toch niet slecht bekomen, hé!

  In december heeft goud een historische recordkoers bereikt van 1.226,10 dollar per troy ounce. De goudfanatici “weten met zekerheid” dat goud op korte termijn naar 2.000 dollar zal stijgen en op langere termijn naar minstens 20.000 dollar. Dat is natuurlijk niet uitgesloten. Als alle burgers ter wereld goud gaan kopen, kan de prijs alleen maar stijgen...

  Er beginnen zich toch enkele merkwaardige zaken af te spelen. Ik zet ze even op een rijtje.
In 2009 is er meer goud aangekocht door beleggers dan door kopers van juwelen. Het is de eerste keer in dertig jaar dat zoiets zich voordoet. De vorige keer was dus in 1979. Enkele maanden later spatte de toenmalige goudzeepbel uiteen.

  In 2009 is er 2.553 ton goud geproduceerd. Dat is 6 % méér dan in 2008. Het is ook de hoogste productie in zes jaar. En – zoals je weet – goud wordt niet geconsumeerd, in tegenstelling tot andere grondstoffen zoals bijvoorbeeld olie. Er komt er dus altijd maar bij.

  Er ligt nog altijd heel veel goud bij de centrale banken, overal ter wereld. Dat dateert nog uit de tijd toen de uitgifte van papieren geld gedekt moest zijn door goud (tot in 1971). Nadien begonnen de centrale banken het goud – dat ze toch niet meer nodig hadden – te verkopen. Of ze maakten er gouden munten van. (tussen haakjes: binnenkort wordt er in België een gouden munt uitgebracht ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van Prins Filip).

  Toen goud de voorbije dertig jaar goedkoop was, verkochten de centrale banken véél (“waardeloos”) goud. Nu goud fors in waarde is gestegen, verkopen ze “hun waardevolle bezit” liever niet. In 2009 hebben centrale banken maar 24 ton goud verkocht. Dat is 90 % mínder dan in 2008! Het is ook de kleinste hoeveelheid in ruim twintig jaar.
Wat gaat er gebeuren als de trend keert? Als de centrale banken weer meer goud op de markt gooien? Als de beleggers hun winst willen binnenhalen, hun goudtrackers verkopen en op die manier de fondsbeheerders dwingen om goud te verkopen?

  Ik neem het zekere voor het onzekere. Ik verkoop mijn goudtracker nú! Nu er nog veel vraag is. Het levert me een rendement op van 20 % in vijf maanden. Als goud deze zomer nieuwe recordkoersen mocht bereiken, dan zal er op het internet wel weer gelachen worden met mijn verkoop. Dan zal ik gezellig mee lachen (met 20 % winst op zak, in de plaats van in de lucht).

  Als jij wel rotsvast gelooft in een verdere stijging van goud, mag je je goudtracker bijhouden. Ikzelf ga het goudspektakel nu even van op een afstand bekijken. Mogelijk ben ik weer geïnteresseerd als de goudprijs terugvalt tot ongeveer 900 dollar per ounce. Ik hou je in elk geval op de hoogte.


B€UR$$UCC€$ - nr. 85 – 4 augustus 2009

Pernod Ricard - rendement: 30 % in drie maanden

  In ‘Beurssucces’ Nr. 74 heb ik je op 28 april aangeraden om Pernod Ricard te kopen. De Franse onderneming is een van de wereldleiders op het gebied van wijn en sterke drank. De naam van het bedrijf roept natuurlijk in de eerste plaats herinneringen op aan de pastis (een likeur op basis van anijs) die aan de man gebracht wordt met de inslaande slogan “Un Ricard, sinon rien” (“Voor mij een Ricard; als dat er niet is, drink ik niks”).

  Maar de groep Pernod Ricard heeft liefst vijftien strategische wereldmerken in huis. En diverse plaatselijke merken die marktleider zijn in hun regio. Enkele voorbeelden die tot de verbeelding spreken: Chivas Regal (whisky), Martell (cognac), Beefeater (gin), Malibu (rum), Mumm (champagne), Jacob’s Creek (wijn) en Absolut (de meest verkochte vodka ter wereld).

  Absolut is er pas in juli 2008 bij gekomen, door de overname van de groep Vin&Spirit. Na de overname van Vin&Spirit klom de schuldenlast van Pernod Ricard tot 13 miljard euro. De groep dacht die last te kunnen torsen, maar de kredietcrisis besliste er anders over. In april dwongen de financiële markten Pernod Ricard tot een kapitaalverhoging. De nieuwe aandelen werden geplaatst tegen een spotprijs van 26,70 euro.

  Normaal duikt een aandeel ná een kapitaalverhoging lager, tot in de buurt van de prijs van de nieuwe aandelen. Normaal kun je aandelen van bedrijven die een kapitaalverhoging doorvoeren dus beter verkopen.

  In 2009 gebeurt het omgekeerde. Vóór een bedrijf nog maar overweegt om zijn kapitaal te verhogen, wordt de beurskoers al afgeslacht. Als het bedrijf bakzeil haalt en zijn kapitaal optrekt, feliciteert de beurs het bedrijf met zijn oplossing en gaat de koers weer stijgen. Zo ging het ook met AB InBev, Lafarge, Imerys en Danone.

  Albert Frère, die via GBL 8,2 % van Pernod Ricard in handen had, deed alvast enthousiast mee met de kapitaalverhoging. Het kostte GBL 88 miljoen euro. Maar Frère was méér dan enthousiast en gooide er nog eens 65 miljoen euro éxtra bovenop. Daardoor heeft GBL nu 8,8 % van Pernod Ricard in handen.

  Wellicht heeft Frère zijn goede vriend Patrick Ricard, de topman van het bedrijf, een handje toegestoken. De familie Ricard, die 12,43 % van de groep in handen had, zat niet goed genoeg bij kas om haar deel van de kapitaalverhoging volledig te onderschrijven. Voor de Ricards zat er niets anders op dan een deel van hun inschrijvingsrechten te verkopen. Aan Albert Frère?

  Met de opbrengst van die verkoop kon de familie Ricard dan de rest van haar inschrijvingsrechten uitoefenen. En Frère kon in één klap een groot pakket aandelen bijkopen zonder de beurskoers omhoog te jagen.

  Toen ik je het aandeel 3 maanden geleden aanraadde, kostte het 42,30 euro. Ik schreef er toen bij dat ik “er graag minstens 10 % winst mee wou boeken, maar dacht dat 30 % mogelijk was”. En daarom zette ik toen ook meteen een verkooporder in de markt, met een 30 % hoger limietkoers.

  Vorige week donderdag was het zo ver! Het aandeel bereikte een (voorlopig?) hoogste koers van 56,49 euro en mijn aandelen gingen de deur uit. Misschien stijgt het aandeel nog verder. Dat kan. Maar ik ben tevreden. Het heeft me gesmaakt en ik wil niet doorgaan tot dit feestje eindigt met een kater.

  Je mag niet uit het oog verliezen dat Pernod Ricard nog altijd op andere manieren zijn schuld verder moet verlichten. Daarom verkocht de groep vorige week zijn koffielikeur Tia Maria aan de Italiaanse groep Illva Saronno voor 125 miljoen euro. En er moet nog meer verkocht worden.


B€UR$$UCC€$ - nr. 85 – 4 augustus 2009

Sanofi-Aventis - rendement: 10 % op minder dan een maand

  Sanofi-Aventis, de grootste farmaceutische groep van Europa, heeft beter dan verwachte halfjaarresultaten bekendgemaakt. Prompt verhoogde topman Chris Viebacher de verwachtingen voor heel 2009.

  De nettowinst zou nu stijgen met 10 %. Eerder ging Sanofi-Aventis uit van een winststijging met 7 %. Sanofi-Aventis is wereldleider in griepvaccins en zal profiteren van de verspreiding van de Mexicaanse griep.

  Bij de bekendmaking van de cijfers spurtte het aandeel naar een hoogste koers van 48,14 euro. Maar toen ging het snel bergaf. Dat had te maken met ánder nieuws van het Franse geneesmiddelenbedrijf.

  Sanofi-Aventis wordt voor 100 % eigenaar van Merial. Dat is de derde grootste producent ter wereld van geneesmiddelen voor dieren. Sanofi-Aventis had al 50 % van Merial in handen en betaalt 2,8 miljard euro voor de andere helft.

  Vervolgens wil Sanofi-Aventis samen met zijn Amerikaanse concurrent Merck een nieuwe joint venture creëren. In dat gezamenlijke bedrijf zou Merial worden ingebracht door Sanofi-Aventis en Merck zou er zijn diergeneesmiddelendochter Intervet in onderbrengen. Het gecombineerde bedrijf zou ruim 30 % van de wereldmarkt voor diergeneesmiddelen in handen hebben.

  Dat is in elk geval een interessante markt. In 2008 was er een groei van 7,2 %. Het valt wel nog af te wachten of de Amerikaanse overheid zich niet zal verzetten tegen het ontstaan van zo’n sterke groep, die de concurrentie dreigt te verstikken.

  Zelfs als niet het volledige plan kan worden uitgevoerd, maakt Sanofi-Aventis zich sterk dat ook de overname van Merial alleen al vanaf dit jaar de winst per aandeel zal opkrikken. Waarom zakt dan de beurskoers? Omdat de analisten vinden dat Sanofi-Aventis te veel betaalt voor Merial. De toekomst zal uitwijzen wie gelijk heeft.

  Ons – jij en ik – kan het niet veel schelen. Vier weken geleden heb ik je aangeraden om Sanofi-Aventis te kopen tussen 40 en 42 euro. Dat was toen mogelijk (laagste koers: 40,91 euro op 13 juli). En ik heb je ook aangeraden om te proberen 10 % winst mee te pikken en dus ook al een verkooplimiet in de markt leggen tussen 46 en 48 euro. Als je dat gedaan hebt, zijn je aandelen nu de deur uit met (minstens) 10 % winst.


B€UR$$UCC€$ - nr. 71 – 7 april 2009

Brunel International - rendement: (minstens) 10 % in twee maanden

  Brunel is een Nederlands uitzendbedrijf (dat ondernemingen voorziet van interimpersoneel). Acht weken geleden heb ik het aandeel hier koopwaardig genoemd voor de korte óf de lange termijn. Het aandeel kostte toen 9,28 euro.

  “Wie snel 10 % winst probeert te maken, kan het beste meteen ook al een verkooporder plaatsen tussen 10 en 11 euro,” schreef ik toen.

  Heb jij ook een tussenspurtje van 10 % geplaatst? Dat was niet zo moeilijk. Er zat zelfs véél meer in. Eerst dook het aandeel nog naar een laagste peil van 6,81 euro. En vorige week veerde Brunel zelfs even op tot 11,50 euro. Tussen die twee uitersten ligt een koersstijging van ruim 68 %!

  Ondertussen heeft Brunel zijn jaarresultaten bekendgemaakt. In 2008 heeft Brunel zijn eigen winstverwachtingen gehaald. De omzet steeg 23 % (tot 714,2 miljoen euro). De bedrijfswinst ging 21 % hoger (tot 62,1 miljoen euro). En de nettowinst kwam zelfs 24 % hoger uit (op 45,6 miljoen euro).

  Voor 2009 is Brunel zeer voorzichtig: “We verwachten een uitdagend jaar. Deze periode van recessie zou onze omzet kunnen aantasten. Toch hebben we er vertrouwen in dat Brunel marktaandeel zal blijven winnen.” Met andere woorden: Brunel zou het dit jaar beter moeten doen dan zijn concurrenten.

  Als de omzet in 2009 zakt, zal onvermijdelijk ook de winst lager uitvallen. Op basis van de winst in 2008 bedraagt de koers/winst-verhouding nu 5,38. Dat is erg goedkoop. Maar 2008 was dan ook een topjaar. Als de winst in 2009 zou halveren – maar zo erg zal het toch wel niet zijn, zeker?! – dan komt de koers/winst-verhouding op 10,76. Dan is het aandeel – tegen de huidige koers – nog altijd niet duur.

  De boekwaarde is eind 2008 opgelopen tot 7,12 euro per aandeel. Zoals je weet, is de boekwaarde bij een winstgevend bedrijf zo ongeveer de absolute minimumwaarde. En toch is ook het aandeel Brunel begin maart daar onder gezakt (tot 6,81 euro). Dat was dan ook een absolute koopkans.

  Brunel trekt het dividend op met ruim 14 %. Het bedraagt nu 0,80 euro bruto. Als de beurskoers zakt tot 8 euro (of lager), kom je dus aan een dividendrendement van 10 % (of hoger). Voor niet-Nederlanders gaat daar helaas twee keer dividendbelasting van af (Nederlandse dividendbelasting én Belgische roerende voorheffing).

  Op 14 mei licht Brunel een eerste tipje van de sluier op over de gang van zaken in 2009. Het bedrijf maakt geen kwartaalresultaten bekend, er komt alleen een trading update, die ons duidelijk zal maken hoe de omzet evolueert.

  Ik zou daar geen al te hooggespannen verwachtingen bij hebben. Onlangs zei de topman van concurrent Randstad dat hij nog altijd geen herstel ziet in de uitzendsector. “Ik zou het graag willen, maar helaas bespeuren we dat nog altijd niet", zei Ben Noteboom.

  Wie het aandeel al gekocht heeft, mag het bijhouden voor de langere termijn. Als je ook al een tussenspurtje hebt geplaatst, kan je nu beter weer in het peloton plaats nemen en lagere koersen afwachten om terug te kopen of bij te kopen. Tegen welke koersen dat mogelijk zal zijn, zal voor een groot stuk afhangen van het algemene beursklimaat.


B€UR$$UCC€$ - nr. 69 – 24 maart 2009

Bekaert - rendement: (minstens) 11 % in zeven weken

  Vorige week vrijdag is het aandeel Bekaert (tijdelijk?) uitgestegen boven 50 euro. Mijn verkooporder is dus uitgevoerd. Het gaat om (een deel van) de aandelen Bekaert die ik zeven weken geleden heb gekocht toen het aandeel terugviel tot (onder) 45 euro en waarover ik heb bericht in Nr. 62 (3 februari 2009).

  Ik heb toen al geschreven dat ik in het huidige beursklimaat een snelle winst van 10 % niet zou laten liggen en dat ik me dus klaar hield voor een tussenspurt tegen (ongeveer) 50 euro.

  Mijn winst bedraagt 11 % bruto. Jouw winst ligt misschien nog een flink stuk hoger. Want nadien heeft Bekaert zelfs nog een laagste koers bereikt van 37,25 euro. Wie de koelbloedigheid had om toén te kopen, staat al 34 % hoger.

  Voor mij is dit zeker geen “Vaarwel, Bekaert!”. Het is een “Tot Ziens!” Als het aandeel voldoende terugvalt, pik ik het weer op.


B€UR$$UCC€$ - nr. 54 – 2 december 2008

Belgacom - rendement: 13,64 % in vier maanden

  Drie weken geleden nog, heb ik je aangeraden om je klaar te houden voor een Tussenspurt met Belgacom. Ik stelde daarvoor een verkoopzone voorop tussen 29,50 en 30,50 euro. Vorige week donderdag was het eindelijk zo ver. Het aandeel Belgacom bereikte toen een hoogste koers van 29,74 euro. Mijn verkooporder stond op 29,58 euro.

  Het is goed mogelijk dat ik iets te goedkoop heb verkocht. Maar ik neem toch liever het zekere voor het onzekere. Als ik een verkoopzone vooropstel tussen 29,50 en 30,50 euro, staat het je vrij om bovenaan of onderaan in die vork plaats te nemen. Je zou er veiligheidshalve zelfs voor kunnen opteren om iets ónder die vork te gaan staan.

  Vrijdag kreeg het aandeel een tikje te verwerken. Daarvoor zijn diverse oorzaken.

  Om te beginnen: donderdagavond heeft Belgacom bekendgemaakt dat de inkoop van eigen aandelen is afgerond. Het telecombedrijf heeft voor 200 miljoen euro eigen aandelen ingekocht tegen een gemiddelde prijs van 27,1005 euro. Daarmee valt een grote koper (Belgacom) weg. Een terugval van de koers is dan logisch.

  Zou de koers niet kunnen stijgen als Belgacom eindelijk bekendmaakt dat er ook dit jaar nog een interimdividend wordt betaald? Dat is mogelijk. Maar het is niet zo waarschijnlijk. Want iedereen zit daar al op te wachten. Belgacom zei vorige week zelf “midden december naar buiten te komen met een beslissing over een tussentijds dividend, waardoor een uitkering voor het jaareinde niet in het gedrang komt”. Algemeen wordt een interimdividend verwacht van 0,50 euro per aandeel. Als het wordt aangekondigd, zal iedereen dat normaal vinden. Een positief effect op de koers moet je dan niet meer verwachten.

  Ondertussen raakte ook bekend dat de Bijzondere Belastinginspectie nu al 69 miljoen euro eist van Belgacom. De telecomgroep heeft een holding in Luxemburg, Belgacom Invest. Volgens de BBI wordt die vennootschap eigenlijk bestuurd vanuit België en moeten er daarom Belgische belastingen betaald worden. Volgens Belgacom is die claim van 69 miljoen euro ongegrond.

  Ondertussen is de leiding van het bedrijf in rustiger vaarwater gekomen. Didier Bellens blijft nog zes jaar topman. En er ligt een strategisch plan op tafel voor de periode 2009-2013, waarbij Belgacom conservatief en voorzichtig op zoek gaat naar expansie in het buitenland.

  Zoals eerder gemeld, heb ik vier maanden geleden aandelen Belgacom bijgekocht tegen 26,03 euro. Die heb ik nu dus van de hand gedaan met een winst van 13,64 %. Met de rest van mijn Belgacom-aandelen blijf ik rustig zitten, want ze vormen een mooi alternatief voor een hoogrentend spaarboekje.


B€UR$$UCC€$ - nr. 46 – 7 oktober 2008

Tessenderlo - rendement: 12,50 % op twee weken

  Twee weken geleden heb ik je aangeraden om (gedeeltelijk) winst te nemen op Tessenderlo als het aandeel tussen 36 en 38 euro zou belanden. Dat was vorige week woensdag het geval. Als ook jij een limietorder tegen die prijs in de markt had liggen, dan zijn ook jouw aandelen Tessenderlo verkocht. Voor zover jouw limiet niet hoger lag dan 36,48 euro. Dat was de hoogste koers van de dag. Ik nam genoegen met een verkoopprijs van 36 euro en boekte op die manier een winst van 12,50 % op twee weken.


B€UR$$UCC€$ - nr. 40 – 26 augustus 2008

Agfa-Gevaert - rendement: (minstens) 10 % op minder dan twee weken

  Twee weken geleden heb ik geadviseerd om bij Agfa-Gevaert een eerste aankoop te doen ónder 5 euro en die aandelen vervolgens te proberen verkopen tussen 5,50 en 6,50 euro. Beide transacties waren mogelijk. Ik heb ze dan ook zelf gedaan. Een tussenspurt die goed was voor (minstens) 10 % bruto rendement op (minder dan) twee weken.

  Agfa-Gevaert kopen ónder 5 euro was – sinds mijn advies – nog mogelijk van 12 tot en met 15 augustus. Verkopen bóven 5,50 euro, was voorlopig alleen mogelijk op 18 en 20 augustus.

  Om je Agfa’s boven 5,50 euro te verkopen, hoefde je die dagen niet noodzakelijk met de beurs bezig te zijn. Als je een verkooporder in de markt had staan – met een limiet (licht) boven 5,50 euro - is je order vanzelf uitgevoerd. Je verlooplimiet mocht dan niet hoger staan dan 5,65 euro. Want hoger zijn we (voorlopig) nog niet geweest. Bij fel schommelende aandelen zoals Agfa-Gevaert is het dus aan te bevelen om meteen na je aankoop al een vérkooporder in de markt te zetten.

  Ga ik je nu aanmoedigen om elke week een tussenspurtje te plaatsen? Dat is niet de bedoeling. Ik blijf in de eerste plaats beleggen voor de lange termijn. Ik kan er ook niets aan doen dat Agfa-Gevaert zo snel 10 % is gestegen. Maar jammer vind ik het niet.